{
    "case_number": "CAC-ADREU-008349",
    "time_of_filling": null,
    "domain_names": [
        "log1c-it.eu"
    ],
    "case_administrator": "  Iveta Špiclová   (Czech Arbitration Court) (Case admin)",
    "complainant": [
        "Rinus Postma (Log1c-IT Netherlands)"
    ],
    "complainant_representative": null,
    "respondent": [
        "Dick Steffens (interludium)"
    ],
    "respondent_representative": null,
    "factual_background": "Het Panel zal -  voorzover nodig - onder beweringen van partijen en de behandeling en vaststelling ingaan op de feitelijke situatie.\r\n\r\nDe domeinnaam < log1c-it.eu> (de “Domeinnaam”) is op 13 mei 2022 geregistreerd.",
    "other_legal_proceedings": "Niet bekend.",
    "discussion_and_findings": "In overeenstemming met artikel B11(a) ADR-Voorschriften neemt het Panel een beslissing over de klacht op grond van de ingediende verklaringen en stukken en in overeenstemming met de Procedurevoorschriften.\r\n\r\nOp grond van artikel B11(d) wijst het Panel de gevraagde voorzieningen toe indien Klager aantoont dat: (i) de Domeinnaam identiek of verwarringwekkend overeenstemt met de aanduiding ten aanzien waarvan een recht wordt erkend of vastgesteld door het nationale en\/of communautaire recht; (ii) de domeinnaam door de Verweerder is geregistreerd zonder rechten op of gerechtvaardigde belang bij de domeinnaam; of (iii) de domeinnaam is geregistreerd of wordt gebruikt te kwader trouw.  \r\n\r\nDe Klager moet de in artikel 21.1 van de in Verordening (EG) nr. 874\/2004 (als gewijzigd), vereiste elementen aantonen. Uitgangspunt blijft dat Klager aan zijn bewijslast moet voldoen. Zie IV.7 van het Overview of CAC Panel Views on Selected Questions of the Alternative Dispute Resolution for .EU Domain Name Disputes, 2nd Edition (”CAC .EU Overview 2.0”).\r\n\r\nDie bewijslast is overigens behoorlijk licht. Zoals ook is benoemd in I.17 van het CAC .EU Overview 2.0, geldt voor de bewijslast van het ontbreken van recht of gerechtvaardigd belang, in tegenstelling tot de exacte bewoordingen van paragraaf B11(d)(1) ADR-regels en naar analogie van de regels die zijn ontwikkeld door UDRP-panels, dat de Klager alleen hoeft aan te tonen dat er sprake is van een prima facie zaak. De zaak moet dus op het eerste gezicht duidelijk en onderbouwd zijn. Vervolgens verschuift de bewijslast naar de Verweerder.\r\n\r\nHetzelfde geldt min of meer voor de kwade trouw. De Klager moet bewijzen dat de Verweerder de Domeinnaam te kwader trouw heeft geregistreerd of heeft gebruikt en daarbij wordt meegenomen dat voor het bewijs uitgegaan wordt van een bepaalde afweging van waarschijnlijkheid.\r\n\r\nHet Panel stelt vast dat de Klager eerst een veel te summiere klacht heeft ingediend. Vervolgens heeft Klager – na daarop gewezen te zijn - zijn klacht gewijzigd en aangevuld. Vervolgens heeft een discussie plaatsgevonden via allerhande non-standard-communicaties, gevolgd door een uiteindelijk meer formeel, maar te laat ingediend, verweer door Verweerder.\r\n\r\nKort gezegd zegt de Klager in de aangepaste klacht, dat hij een handelsnaam heeft, een Benelux- en een EU-merk, maar laat na dit te onderbouwen bij de aangepaste klacht, laat staan bewijsstukken te overleggen. Vervolgens stelt Klager dat een recht of gewettigd belang bij Verweerder ontbreekt en dat de registratie of het gebruik te kwader trouw is, met een verwijzing naar een aantal overgelegde communicaties tussen Klager en Verweerder dan wel een aantal vrij algemene stellingen. \r\n\r\nIn de alternatieve geschillenbeslechtingsprocedure over domeinnamen wordt het klagers makkelijker gemaakt dan in een gerechtelijke procedure, maar van klagers mag – ook in het kader van de rechtszekerheid - worden verwacht dat zij hun zaak deugdelijk onderbouwen en beargumenteren. Uitgangspunt is één schriftelijke ronde en van de klager mag worden verwacht dat hij anticipeert op bekende en mogelijke verweren van de Verweerder. \r\n\r\nKlager heeft dat nagelaten. Klager, maar overigens ook Verweerder, hebben weinig hun best gedaan om de zaak duidelijk aan het Panel te presenteren. \r\n\r\nHet is het Panel duidelijk dat partijen van mening verschillen over het gebruik van de benaming “log1c-it” en wie op die benaming (handels)naamrechten kan doen laten gelden. Verweerder betwist duidelijk dat Klager deze handelsnaam al voerde voor de datum van de Domeinnaamregistratie en stelt dat Verweerder die benaming al eerder zelf voerde.  \r\n\r\nKlager heeft expliciet gesteld rechthebbende te zijn op de handelsnaam “Log1c-IT Netherlands” evenals op een Benelux-merk en een Gemeenschapsmerk (thans geheten Uniemerk) die het teken Log1c-IT bevatten.\r\n\r\nHet Panel stelt vooraleerst vast dat Klager geen enkele gegevens heeft overgelegd van enig Benelux-merk en\/of Uniemerk, laat staan kopie van de registratiebewijzen heeft overgelegd. Een kort onderzoek van het Panel in de online-merkenregisters leverde op dat de Klager niet lijkt te beschikken over dergelijke merkregistraties. Het Panel merkt op dat de Klager in de klacht heeft verklaard dat alle in de klacht vermelde gegevens volledig en juist zijn.\r\n\r\nHet Panel stelt hiermee vast dat de Klager het Panel onjuist heeft voorgelicht. \r\n\r\nDan blijft over dat Klager gesteld heeft rechthebbende te zijn op de handelsnaam “Log1c-IT Netherlands”, zonder in de aangepaste klacht daarvoor enige onderbouwing te verstrekken. Handelsnaamrechten ontstaan naar Nederlands recht inderdaad - zoals Klager ook later heeft aangevoerd - door het feitelijk gebruik voor een onderneming en niet door de inschrijving in het handelsregister. Zodoende moet het recht op een handelsnaam worden onderbouwd door bewijzen van gebruik van die handelsnaam.\r\n\r\nPas in de “derde ronde”, terwijl alternatievegeschillenbeslechtingsprocedures als deze uitgaan van één ronde, heeft Klager een drietal facturen overgelegd waarop een logo staat met de letters “Log1cIT”.\r\n\r\nGelet op de discussie tussen partijen over de gerechtigdheid tot de benaming “Log1c-IT, het duidelijk gevoerde verweer door Verweerder, de onjuiste mededelingen door Klager over de merkregistraties, acht het Panel de drie overgelegde facturen, die bovendien door hun opmaak en gegevens vragen over authenticiteit oproepen, onvoldoende overtuigend bewijs van het gebruik van de handelsnaam “Log1c-IT Netherlands”. Het Panel herhaalt dat het op het pad van de Klager had gelegen om meteen bij de klacht voldoende bewijs te overleggen. Er is na de vele rondes van discussie tussen partijen, geen ruimte meer voor verdere aanvulling van de feiten.\r\n\r\nHet Panel oordeelt aldus dat Klager onvoldoende heeft bewezen überhaupt een recht te hebben. Zodoende heeft de Klager niet voldaan aan het eerste element, t.w. dat de Domeinnaam identiek of verwarringwekkend overeenstemt met de aanduiding ten aanzien waarvan een recht wordt erkend of vastgesteld door het nationale en\/of communautaire recht.\r\n\r\nNu niet is voldaan aan het eerste element, komt het Panel niet toe aan de beoordeling van het tweede en derde element. Ten overvloede merkt het Panel op dat Klager ook hier te weinig heeft gedaan om die stellingen te onderbouwen en daarmee niet heeft voldaan aan zijn bewijslast.\r\n\r\nHet Panel merkt eveneens ten overvloede op dat het maar de vraag is of een procedure als deze geschikt is om een geschil als tussen partijen loopt op te lossen, zelfs wanneer de feiten deugdelijk zouden zijn gepresenteerd. De ADR-Voorschriften lenen zich immers niet voor een uitgebreid feitenonderzoek door panels, zoals door het horen van getuigen. De systematiek onder ADR-Voorschriften is een kostenefficiënte oplossing voor in essentie domeinnaamkaping. Hoewel het gedrag van Verweerder op het eerste gezicht op domeinnaamkaping lijkt te duiden, zal hiervoor meer onderzoek nodig zijn.\r\n\r\nEen zaak als deze is dan ook beter thuis bij de civiele rechter. Partijen zijn in hetzelfde land gevestigd en zijn vindbaar.\r\n\r\nHet Panel zal daarom de zaak afwijzen, maar dat laat onverlet de rechten die Klager en Verweerder hebben om de zaak bij de rechter aanhangig te maken.",
    "decision": "Om bovengenoemde redenen heeft het Panel in overeenstemming met de § B12 (b) en (c) van de ADR-Voorschriften besloten tot afwijzing van de Klacht.",
    "panelists": [
        null
    ],
    "date_of_panel_decision": "2022-10-25 00:00:00",
    "informal_english_translation": "I.      Disputed domain name: LOG1C-IT.EU\r\n\r\nII.     Country of the Complainant: Netherlands country of the Respondent: Netherlands\r\n\r\nIII.    Date of registration of the domain name: 13 May 2022\r\n\r\nIV.    Rights relied on by the Complainant (Art. 21 (1) Regulation (EC) No 874\/2004) on which the Panel based its decision:\r\n        1.   non-specified Benelux trade mark\r\n        2.   non-specified EU trade mark\r\n        3.   trade name rights to Log1c-IT Netherlands, pursuant to the Netherlands Trade Name Act\r\nV.    Response submitted: Yes\r\n\r\nVI.   Domain name\/s is\/are [identical\/confusingly similar\/neither identical nor confusingly similar] to the protected right\/s of the Complainant - not applicable. Complainant did not seem to have a Benelux and EU trade mark and the evidence of the existence of Dutch trade name rights is insufficient\r\n\r\nVII.  Rights or legitimate interests of the Respondent (Art. 21 (2) Regulation (EC) No 874\/2004):\r\n        1. As denied on 1st element - not formally discussed, but as obiter dictum mentioned that this argument was not sufficiently substantiated\r\n        2. Why: See above.\r\n\r\nVIII. Bad faith of the Respondent (Art. 21 (3) Regulation (EC) No 874\/2004):\r\n        1. As denied on 1st element - not formally discussed, but as obiter dictum mentioned that this argument was not sufficiently substantiated\r\n        2. Why: See above.\r\n\r\nIX.   Other substantial facts the Panel considers relevant: N\/A\r\n\r\nX.    Dispute Result: Complaint denied\r\n\r\nXI.   Procedural factors the Panel considers relevant: Lack of proper substantiation of the complaint. Respondent communicated via non standard communications, leading to discussions with Complainant. Respondent submitted its Response after deadline although it included arguments that had been brought forward in the non-standard communications\r\n\r\nXII.  [If transfer to Complainant] Is Complainant eligible? [Yes\/No] N\/A",
    "decision_domains": [],
    "panelist": null,
    "panellists_text": null
}